Wat zijn de meest voorkomende oorzaken van cervicitis en hoe worden ze medisch ingedeeld?
De cervicitis, oftewel de ontsteking van de baarmoederhals (cervix), kan door een verscheidenheid aan verschillende factoren worden veroorzaakt. Medisch gezien worden de oorzaken ingedeeld in twee hoofdgroepen: infectieuze en niet-infectieuze oorzaken. Deze differentiatie is essentieel voor de keuze van de juiste therapie.

infectieuze oorzaken
De meest voorkomende oorzaak van een cervicitis zijn seksueel overdraagbare infecties (SOI). Tot de belangrijkste bacteriële en virale verwekkers behoren:
|
verwekker |
Type |
Betekenis |
|
Chlamydia trachomatis |
Bacterieel |
Meest voorkomende verwekker, vaak asymptomatisch, hoog recidief risico |
|
Neisseria gonorrhoeae |
Bacterieel |
Veroorzaakt gonorroe, leidt tot etterige cervicitis |
|
Mycoplasma genitalium |
Bacterieel |
Moeilijk te detecteren, vaak chronisch verloop |
|
Trichomonas vaginalis |
Protozoa |
Typisch geassocieerd met sterke afscheiding |
|
Herpes simplex-virus type 2 |
Viraal |
Acute symptomen met pijn en zweren |
|
Humaan papillomavirus (HPV) |
Viraal (laag/hoog risico) |
Veroorzaakt meestal chronische stille ontstekingen |
Niet-infectieuze oorzaken
Naast infecties zijn er een aantal niet-infectieuze oorzaken die ook een cervicitis kunnen veroorzaken:
-
Mechanische prikkels: bijvoorbeeld door spiraaltjes, diafragma's, tampons of intensief seksueel contact. Dergelijke prikkels leiden tot microverwondingen van het slijmvlies.
-
Chemische irritaties: bijvoorbeeld door geparfumeerde intieme waslotions, intieme sprays, glijmiddelen of spermiciden. Deze producten kunnen het slijmvlies irriteren of allergische reacties veroorzaken.
-
Hormonale factoren: Vooral in de menopauze leidt een oestrogeentekort tot slijmvliesatrofie. Het dunne en droge slijmvlies is gevoeliger voor irritaties en ontstekingen.
-
Microbiële dysbiose: Een verstoorde vaginale flora – bijvoorbeeld bij bacteriële vaginose – verzwakt de natuurlijke bescherming van de cervix en bevordert ontstekingsreacties.
-
Immunologische factoren: Lokale immuunszwakte of systemische immunosuppressie kunnen een chronische ontstekingsbereidheid in stand houden.
Hoe verschillen infectieuze en niet-infectieuze oorzaken van een cervicitis in hun ontstaan en behandeling?
Infectieuze en niet-infectieuze oorzaken van een cervicitis verschillen fundamenteel in hun Pathogenese (ontstaan), Symptomatiek en Therapiestrategie. Een nauwkeurige onderscheiding is essentieel voor gerichte behandeling, omdat beide vormen niet alleen in hun oorzaak, maar ook in het verloop en de reactie op medicatie duidelijk van elkaar verschillen.
Ontstaan
|
Kenmerk |
Infectieuze cervicitis |
Niet-infectieuze cervicitis |
|
Oorzaak |
Bacteriën, virussen, protozoa |
Mechanische prikkels, chemische stoffen, hormonale tekorten |
|
Overdrachtsweg |
Meestal seksueel (SOA) |
Contact met vreemde voorwerpen, intieme hygiëneproducten |
|
Toegangspoort |
Microschade aan het cervixslijmvlies |
Microtrauma's, slijmvliesatrofie |
|
Voorbeeldige ziekteverwekkers |
Chlamydia trachomatis, Neisseria gonorrhoeae, HSV, HPV |
Spiraaltje, diafragma, geparfumeerde waslotionen, oestrogeentekort |
Infectieuze cervicitis ontstaat meestal door het binnendringen van pathogene micro-organismen in het gevoelige overgangsepitheel van de cervix. Niet-infectieuze vormen ontwikkelen zich daarentegen door irritaties die geen primaire betrokkenheid van ziekteverwekkers vereisen, maar bijvoorbeeld veroorzaakt worden door lokale slijmvliesbeschadigingen of hormoontekort.

Symptomatiek
Beide vormen kunnen vergelijkbare klachten veroorzaken, zoals afscheiding, irritatie of bloedingen. Echter blijkt:
-
Infectieuze cervicitis: Eerder acuut, sterker uitgesproken (etterige afscheiding, pijn, eventueel koorts)
-
Niet-infectieuze cervicitis: vaak milder, chronisch, recidiverend, branderig of door droogte veroorzaakt
Behandeling
|
Therapieaspect |
Infectieuze cervicitis |
Niet-infectieuze cervicitis |
|
Primaire behandeling |
Anti-infectiva (antibiotica, antimycotica, antivirale middelen) |
Slijmvliesverzorging, vermijden van prikkels, eventueel lokale hormoontherapie |
|
Doel |
Eradicatie van ziekteverwekkers |
Herstel van het slijmvlies en stabilisatie van het milieu |
|
Duur |
Korte therapie (meestal 5–10 dagen) |
Langdurig, herhaalde behandelcycli nodig |
|
Voorbeelden van medicijnen |
Doxycycline, azithromycine, metronidazol, aciclovir |
CANNEFF® Vaginale zetpillen, estriol-zetpillen, melkzuur, probiotica |
|
Behandeling van de partner |
Vaak noodzakelijk |
Meestal niet nodig |
Waarom worden seksueel overdraagbare infecties beschouwd als een belangrijke risicofactor voor het ontstaan van cervicitis?
Seksueel overdraagbare infecties (SOA's) worden beschouwd als een van de belangrijkste risicofactoren voor het ontstaan van cervicitis, omdat ze het slijmvlies van de baarmoederhals direct beschadigen en immunologisch activeren. Vooral bacteriële en virale ziekteverwekkers dringen via geslachtsgemeenschap de cervix binnen, veroorzaken daar lokale ontstekingsreacties en kunnen onbehandeld leiden tot chronische klachten en complicaties.
Ziekteverwekkers met affiniteit voor het cervixslijmvlies
De volgende SOA-verwekkers zijn bijzonder relevant voor cervicitis:
|
verwekker |
Bijzonderheid met betrekking tot cervicitis |
|
Chlamydia trachomatis |
Meest voorkomende oorzaak, vaak asymptomatisch, kan chronisch verlopen |
|
Neisseria gonorrhoeae |
Veroorzaakt etterige ontsteking, hoog risico op complicaties |
|
Mycoplasma genitalium |
Moeilijk te detecteren, steeds belangrijker |
|
Trichomonas vaginalis |
Protozoön met typische schuimende afscheiding |
|
Herpes simplex-virus type 2 |
Leidt tot acute, pijnlijke slijmvlieslaesies |
|
Humaan papillomavirus (HPV) |
Veroorzaakt subacute ontstekingen en cellulaire veranderingen |
Deze ziekteverwekkers gebruiken microlaesies van de cervix als toegangspoort. Sommige zijn intracellulair actief (bijv. Chlamydia) en onttrekken zich daarmee aan de directe afweer van het immuunsysteem, wat persistente ontstekingen bevordert.
pathofysiologie van de ontstekingsreactie
de cervix heeft een gevoelig overgangsepitheel (squamocolumnair gebied), dat bijzonder vatbaar is voor infecties. SOA-verwekkers activeren hier lokale immuuncellen en leiden tot:
- toegenomen doorbloeding en slijmvliesoedeem
- verhoogde leukocyteninfiltratie
- verhoogde slijmproductie en cellulaire exsudatie (afscheiding)
- microscopisch zichtbare erosies of ulcera
het gevolg is een acute of subacute cervicitis met klinische symptomen zoals afscheiding, contactbloedingen of dysurie.
relevantie vanuit medisch oogpunt
- hoog aantal onopgemerkte gevallen: veel SOA’s verlopen zonder symptomen, worden daarom niet behandeld en leiden onopgemerkt tot cervicitis.
- risico op chronificatie: vooral bij chlamydia of HPV kan de ontsteking aanhouden en structurele slijmvliesveranderingen veroorzaken.
- complicaties: opstijgende infecties (bijv. bekkenontstekingsziekte), vruchtbaarheidsproblemen of cervicale dysplasie bij HPV zijn mogelijk.
- overdraagbaarheid: geïnfecteerde seksuele partners kunnen de infectie steeds opnieuw overdragen – daarom is partnerdiagnostiek essentieel.
welke mechanische prikkels kunnen cervicitis bevorderen en hoe werken ze op het cervixslijmvlies?
mechanische prikkels worden beschouwd als niet-infectieuze, maar klinisch relevante triggers van cervicitis. Ze werken in op het gevoelige slijmvlies van de baarmoedermond en kunnen daar microverwondingen veroorzaken die een ontstekingsreactie bevorderen. Deze vorm van irritatie leidt niet zelden tot een chronische of recidiverende cervicitis – vooral bij predisponerende factoren zoals hormonale disbalans of verstoorde slijmvliesregeneratie.
veelvoorkomende mechanische triggers
|
irritatiebron |
beschrijving en werking op de cervix |
|
Tampons |
droge, ruwe oppervlakte kan bij frequent gebruik microtrauma veroorzaken |
|
menstruatiecups |
mechanische druk mogelijk bij inbrengen en verwijderen |
|
diaphragma’s/pessaria |
langdurig contact met de cervix, potentieel chronische irritatie |
|
intra-uteriene pessaria (IUP) |
koperspiralen werken lokaal irriterend door draadcontact of chemische ionenafgifte |
|
seksueel verkeer |
diepe penetratie kan bij gevoelig slijmvlies irritaties of microverwondingen veroorzaken |
|
gynaecologische ingrepen |
cervixmanipulatie (bijv. biopsie, conisatie) kan leiden tot lokale ontstekingsreacties |
pathofysiologische werking op het cervixslijmvlies
mechanische prikkels werken primair via:
- microlesies: kleine slijmvliesscheurtjes die dienen als toegangspoort voor ziekteverwekkers of als ontstekingshaarden
- chronische druk of wrijving: vermindert de doorbloeding, verstoort de regeneratie
- irritatie van het transformatie-epitheel: bijzonder gevoelige zone bij de baarmoedermond
- Barrièreverstoring: de beschermfunctie van het slijmvlies wordt verminderd, wat leidt tot dysbiose en ontstekingsprocessen
Klinische relevantie
- Chronische cervicitis: Vooral bij vrouwen met een spiraaltje of herhaald mechanisch contact komen slijmvliesgerelateerde klachten zoals afscheiding, drukgevoel of contactbloedingen vaker voor.
- Versterkte symptomen in de postmenopauze: Atrofische slijmvliezen reageren gevoeliger op mechanische prikkels.
- Differentiële diagnostiek is belangrijk: Een mechanisch veroorzaakte cervicitis mag niet verward worden met infectieuze oorzaken – microbiologische tests zijn daarom essentieel.
Preventieve maatregelen
- Gebruik van zachte tampons en tijdsbeperkt gebruik
- Pauzes bij mechanische anticonceptie (bijv. pessarium)
- Glijmiddelen bij gemeenschap, vooral bij vaginale droogheid
- Zorgvuldige gynaecologische onderzoeken
- Lokale regeneratieve verzorging, bijvoorbeeld met CANNEFF® vaginale zetpillen ter stabilisatie van het slijmvlies
Welke rol spelen chemische irriterende stoffen uit intieme verzorgingsproducten bij het ontstaan van cervicitis?
Chemische irriterende stoffen uit intieme verzorgingsproducten vormen een vaak onderschatte, niet-infectieuze oorzaak voor het ontstaan of in stand houden van een cervicitis. Veel van deze producten bevatten ingrediënten die het gevoelige evenwicht van het vaginale en cervicale microbioom verstoren, de slijmvliesbarrière beschadigen of een immuun-gemedieerde reactie kunnen uitlokken.

Problematische ingrediënten in intieme verzorgingsproducten
Tot de meest voorkomende irriterende of sensibiliserende stoffen behoren:
- Geurstoffen (bijv. synthetische parfums) – kunnen slijmvliesirritaties en allergische reacties veroorzaken
- Conserveermiddelen (bijv. parabenen, formaldehyde-afgevende stoffen) – zijn cytotoxisch voor epitheelcellen
- Tensiden/schuimmiddelen (bijv. Sodium Lauryl Sulfate) – vernietigen de lipidenfilm van het slijmvlies
- Kleurstoffen en alcoholen – leiden tot droogheid, irritaties en dysbiose
- Spermiciden en agressieve reinigingsmiddelen – veranderen de pH-waarde en verzwakken de natuurlijke afweer
Pathofysiologie: Hoe ontstaat cervicitis door irriterende stoffen?
Stoornis in de vaginale pH-waarde: Een stijging van de pH-waarde (>4,5) kan de fysiologische lactobacillenflora verdringen en pathogene kiemen bevorderen.
Schade aan het slijmvlies: Chemische stoffen dringen het epitheel binnen of beschadigen het en veroorzaken ontstekingsreacties.
Allergische contactreacties: Sensibiliserende ingrediënten kunnen leiden tot contactallergische cervicitis – vaak gepaard met jeuk, branderigheid of afscheiding.
Versterkte slijmvliesatrofie tijdens de menopauze: Atrofische slijmvliezen reageren bijzonder gevoelig op chemische stoffen – zelfs geringe prikkels kunnen chronische ontstekingen bevorderen.
Klinische tekenen van een chemisch veroorzaakte cervicitis
- Licht geïrrificeerde baarmoedermond met roodheid en oedeem
- Brandend gevoel, jeuk of verhoogde afscheiding na gebruik van intieme producten
- Contactbloedingen bij onderzoek of gemeenschap
- Vaak geen infectieuze verwekker aantoonbaar
Preventie en therapie
- Vermijden van geparfumeerde of alcoholhoudende intieme producten
- Zachte reiniging met water of pH-neutrale producten
- Gebruik van medische intieme verzorging zoals bijv. CANNEFF® Intimpflegeschaum vrij van irriterende toevoegingen, pH-huidneutraal, kalmerend
- Lokale therapie met CANNEFF® VAG SUP voor slijmvliesverzorging, vooral bij begeleidende atrofie of prikkeltoestanden
- Allergietest bij terugkerende symptomen zonder herkenbare oorzaak
Hoe beïnvloedt een hormonaal tekort – vooral in de overgangsjaren – het ontstaan en verloop van cervicitis?
Een hormonaal tekort, vooral de afname van oestrogenen in de overgangsjaren, is een belangrijke niet-infectieuze risicofactor voor het ontstaan en de chronificatie van cervicitis. De hormonale verandering beïnvloedt direct de structuur en functie van het vaginaal en cervicaal slijmvlies en bevordert ontstekingsprocessen – ook zonder aantoonbare verwekker.
Pathofysiologische veranderingen door oestrogeentekort
Slijmvliesatrofie: Oestrogenen bevorderen de aanmaak en rijping van het plaveiselepitheel van de cervix. Ontbreekt deze prikkel, dan wordt het slijmvlies:
- droger
- dunner
- kwetsbaarder voor mechanische of chemische prikkels
Stoornis van het vaginale microbioom: De fysiologische invloed van oestrogenen ondersteunt de groei van Lactobacillus- stammen die de zure pH en de microbiële balans stabiliseren. Bij hormoontekort:
- daalt de dichtheid van lactobacillen
- stijgt de pH-waarde (>4,5)
- neemt de vatbaarheid voor infecties toe
Verminderde lokale immuunafweer: Een oestrogeenarm slijmvlies is slechter doorbloed, minder immuunactief en produceert minder beschermende slijmstoffen (cervicaal slijm).
Klinische gevolgen in de overgangsjaren
- Chronische prikkeltoestanden zonder duidelijke verwekker
- contactbloedingen door fragiel slijmvlies
- Brandend gevoel, droogte, afscheiding – vaak verkeerd geïnterpreteerd als niet-specifieke klachten
- Slijmvliesgevoeligheid ten opzichte van mechanische belasting (geslachtsgemeenschap, tampons) of verzorgingsproducten
- Therapieresistentie ten opzichte van klassieke antimicrobiële strategieën
Bijzonderheden van cervicitis in de postmenopauze
- Veelvoorkomend infectieverwekker-negatief type Verlopen
- Subklinische ontsteking met histologische veranderingen (bijv. lymfocytaire infiltratie)
- Beperkt regeneratievermogen → hoog risico op chronificatie
Therapiebenaderingen
- Lokale hormoontherapie met estriol (alleen bij passende indicatie en na medische beoordeling)
- Hormoonvrije lokale verzorging met regeneratieve zetpillen zoals CANNEFF® VAG SUP bevordert vochtigheid en epitheelgenezing en werkt ontstekingsremmend, kalmerend en antioxidatief
- Milieuoptimalisatie door melkzuurzetpillen of vaginale probiotica
- Langdurige verzorging van het slijmvlies voor recidiefpreventie en onderhoudstherapie
Welke betekenis heeft de vaginale flora voor het gezond houden van de cervix en in hoeverre bevordert een dysbiose cervicitis?
De vaginale flora – ook wel het vaginale microbioom genoemd – speelt een centrale rol in het gezond houden van de vrouwelijke geslachtsorganen, met name de cervix. Een evenwichtige flora beschermt tegen pathogene kiemen, behoudt het zure milieu en ondersteunt de slijmvliesbarrière. Een dysbiose, oftewel een verstoring van het microbiële ecosysteem van de vagina, kan deze beschermingsmechanismen verzwakken en de ontwikkeling van een cervicitis aanzienlijk bevorderen.
Functies van de gezonde vaginale flora
Productie van melkzuur: Dominante Lactobacillus-stammen verlagen de pH-waarde (3,8–4,5) – een centraal beschermingsmechanisme tegen bacteriële en virale ziekteverwekkers.
Bezetting van slijmvliesreceptoren: „Goede“ bacteriën voorkomen het hechten van pathogene kiemen door zogenaamde kolonisatieweerstand.
Vorming van antimicrobiële stoffen: Lactobacillen produceren waterstofperoxide (H₂O₂), bacteriocines en biosurfactanten met antimicrobiële werking.
Versterking van de immuunafweer: Een intacte flora moduleert lokale immuunreacties en voorkomt overmatige ontstekingen.
Hoe dysbiose cervicitis bevordert
Bij een verstoorde vaginale flora – bijvoorbeeld door antibiotica, hormonale veranderingen, hygiëneproducten of chronische stress – neemt het aantal Lactobacillen, terwijl facultatief pathogene kiemen de overhand krijgen.
Verhoogde pH-waarde: Bevordert het overleven van ziekteverwekkers zoals Gardnerella vaginalis, Mycoplasma genitalium, Chlamydia trachomatis.
Verlies van barrièrefunctie: Pathogenen dringen gemakkelijker door tot het cervixslijmvlies en veroorzaken een ontstekingsreactie.
Bevordering van stille infecties: Bijzonder problematisch bij HPV-infecties of persistente biofilms.
Chronische irritatie: Zelf zonder aantoonbare ziekteverwekker kan een dysbiose een immunologisch gemedieerde cervicitis veroorzaken – met afscheiding, branderigheid of contactbloedingen.
Hoe kan een verzwakt immuunsysteem de ontwikkeling of chronificatie van cervicitis bevorderen?
Een goed functionerend immuunsysteem is cruciaal voor de afweer en controle van pathogene micro-organismen aan de cervix. Is de immuniteit lokaal of systemisch verzwakt, dan neemt het risico op de ontwikkeling van cervicitis aanzienlijk toe – vooral bij chronische of terugkerende vormen. De immuunstatus beïnvloedt dus zowel de vatbaarheid voor infecties als het vermogen van het slijmvlies om te regenereren.
Invloed van een verzwakt immuunsysteem op de gezondheid van de cervix
Verminderde afweer tegen ziekteverwekkers: Een verminderde immuniteit zorgt ervoor dat virale of bacteriële ziekteverwekkers – bijv. Chlamydia trachomatis, HPV of Mycoplasma genitalium – niet voldoende bestreden worden. Dit bevordert persistente infecties.
Chronificatie van de ontsteking: Een verstoorde immuunregulatie kan ertoe leiden dat ontstekingsprocessen niet volledig verdwijnen, maar overgaan in een permanente prikkeltoestand – typisch voor chronische cervicitis.
Verstoorde immuunrespons: Bij auto-immuun of ontstekingsgerelateerde dysregulatie kan zelfs een geringe prikkelbelasting leiden tot aanhoudende slijmvliesreactie, zonder dat een klassieke ziekteverwekker aantoonbaar is.
Aangetaste slijmvliesregeneratie: Een intacte immuunafweer is nauw verbonden met de regeneratie van epitheelcellen. Bij verzwakking blijft het cervixslijmvlies langer gevoelig en vatbaar voor irritaties.
Oorzaken van immuunsuppressie die cervicitis kunnen bevorderen
- Chronische stress: Cortisol remt immuunreactieve cellen
- Ondervoeding: Met name tekorten aan vitamine D, zink, selenium, ijzer
- Infecties: bijvoorbeeld HIV of chronische viruslast bij HPV
- Medicatie: Immuunsuppressiva, cytostatische therapieën
- Systemische aandoeningen: Diabetes mellitus, auto-immuunziekten
- Hormonale disbalansen: bijvoorbeeld in de postmenopauze
Relevantie in de gynaecologie
Vrouwen met immuundeficiënties of een verzwakte afweer vertonen vaker:
- aanhoudende HPV-infecties
- terugkerende bacteriële cervicitis
- aanhoudende slijmvliesirritatie ondanks therapie
In deze gevallen is een gestandaardiseerde acute therapie vaak niet voldoende – er is eerder een uitgebreid behandelconcept nodig met lokale slijmvliesverzorging, immunomodulatie en microbiële herkolonisatie.
Is er een verband tussen chronische stress en het optreden van cervicitis?
Ja – talrijke medische en psychosomatische observaties wijzen erop dat chronische stress zowel het ontstaan als het verloop van cervicitis negatief kan beïnvloeden. Stress is weliswaar geen directe oorzaak in infectiologisch opzicht, maar fungeert als een belangrijke modulerende factor, vooral bij chronische of recidiverende ontstekingsprocessen aan de baarmoederhals.
Hoe beïnvloedt chronische stress de gezondheid van de cervix?
Immuunsuppressieve effecten: Chronische stress leidt tot een aanhoudende afgifte van glucocorticoïden (vooral cortisol), die immunomodulerend werken. Het gevolg is een verzwakte cellulaire immuunrespons, waardoor virale en bacteriële ziekteverwekkers – zoals HPV of Chlamydia trachomatis – gemakkelijker kunnen aanhouden.
Stoornis in de slijmvliesregeneratie: Stressgerelateerde ontstekingsmediatoren kunnen de regeneratie van het epitheel remmen. Hierdoor blijft het cervixslijmvlies langer kwetsbaar, wat het risico op chronische irritatie en cervicitis verhoogt.
Beïnvloeding van het vaginale microbioom: Psychosociale stress kan de samenstelling van de vaginale flora veranderen – bijvoorbeeld door een vermindering van beschermende Lactobacillus-Stammen. Een verstoorde flora (dysbiose) is een bekende risicofactor voor ontstekingsprocessen van de cervix.
Gedragsmatige invloeden: Onder stress veranderen vaak het gezondheidsgedrag en de intieme hygiëne. Frequenter gebruik van irriterende verzorgingsproducten, slaaptekort of slechte voeding bevorderen ook een verhoogde vatbaarheid.
Klinische relevantie bij chronische cervicitis
-
Vrouwen met hoge psychische stress rapporteren vaker irritatiesymptomen in het intieme gebied, zoals branderigheid, afscheiding of dyspareunie.
-
Bij therapieresistente of steeds terugkerende cervicitis moeten psychosomatische oorzaken worden overwogen.
- Studies tonen aan dat psychische stress geassocieerd is met een verhoogde virusbelasting bij HPV-infecties.
In hoeverre beïnvloedt de genitale hygiëne het risico op cervicitis – en waar moet je op letten?
De cervix is onderdeel van een fijn afgestemd ecosysteem in de onderste geslachtsorganen, dat door de fysiologische vaginale flora, een zure pH-waarde en een intacte slijmvliesbarrière wordt beschermd. Wordt dit evenwicht verstoord, kan het leiden tot kolonisatie met pathogene kiemen en daarmee tot ontsteking van de baarmoederhals.

Hygiënefouten die het risico verhogen:
Overdreven intieme hygiëne: Veelvuldig intiem spoelen of het gebruik van geparfumeerde zepen, intiemsprays en agressieve reinigingsproducten kan de natuurlijke pH-waarde verhogen en de beschermende Lactobacillus-Flora verdringen. Dit bevordert bacteriële dysbiose en infecties.
Gebruik van irriterende verzorgingsproducten: Tensiden, geurstoffen of conserveermiddelen in waslotionen kunnen het gevoelige slijmvlies irriteren – vooral bij hormonale atrofie of bestaande ontsteking.
Verkeerde veegrichting: De reiniging van het intieme gebied moet altijd van voren naar achteren gebeuren – om verspreiding van kiemen uit het anale gebied naar de vagina te voorkomen.
Niet-ademende kleding: Synthetisch ondergoed en strakke kleding bevorderen vochtophoping en creëren een milieu waarin bacteriën en schimmels zich sneller vermenigvuldigen.
Tampons en inlegkruisjes: Veelvuldig gebruik – vooral bij droog slijmvlies – kan mechanische microtrauma veroorzaken en de slijmvliesbarrière verzwakken.
Waar moet je op letten?
-
Milde, pH-neutrale intieme verzorgingsproducten (bij voorkeur zonder geurstoffen en parabenen) gebruiken
-
Geen overmatig wassen of spoelen – 1–2× per dag met lauw water is meestal voldoende
-
Katoenen ondergoed voorkeur geven aan en dagelijks wisselen
-
Gebruik tampons alleen bij voldoende smering en regelmatig wisselen
-
Bij irritaties, droogte of bestaande cervicitis:
→ Slijmvliesbeschermende preparaten zoals CANNEFF® VAG SUP gebruiken om regeneratie en hydratatie te bevorderen